Govert Westerveld

Naam:  Govert Westerveld
Woont in Spanje sinds: 1974
Waar: Blanca (Murcia)
Gezin en leeftijden: 71, vrouw 68, dochter 48, zoon 41, dochter 32
Website: My interesting life in Spain

1 Waarom ben je geëmigreerd?
Dat is een lang verhaal, maar om het kort te houden dat kwam door het feit dat ik geïnteresseerd raakte in de talen. In 1963 was ik jeugdkampioen van Nederland Dammen en nog in datzelfde jaar werd ik uitgenodigd voor een internationaal jeugddamtoernooi waaraan ook Harm Wiersma en Ton Sijbrands deelnamen. Op die manier kwam ik in kontakt met spelers uit Italië, Frankrijk, Senegal en andere landen. Ik kon niet overweg met de buitenlandse talen en realiseerde me toen pas hoe  belangrijk de talen waren en hoe klein Nederland in feite was. Ik wilde de wereld zien en talen kennen. Dat begon met een verblijf van een goed jaar in Duitsland in 1967/1968 om vloeiend Duits te kunnen spreken.

2. En waarom juist naar Spanje?
In Duitsland kwam ik in contact met de Spanjaarden en die vertelden me hoe de gewoonten waren in Spanje en dat ik een goede boterham zou kunnen verdienen in Spanje met mijn kennis van Nederlands, Engels en Duits in Spanje vanwege de toeristen. Ook door het feit dat heel weinig mensen in Spanje Engels spraken en op die manier moest het gewoon mogelijk zijn om een goede baan op kantoor te vinden. Ik raakte enorm onder de indruk van de Spaanse gewoonten die ze mij vertelden en voelde me daarin echt thuis. Na mijn terugkomst in Nederland werkte ik een half jaar om mijn verblijf en studie in Spanje te kunnen bekostigen. Via Spaanse vrienden kwam ik in 1969 terecht in Blanca (Murcia) en werd daar heel goed opgevangen door de plaatselijke bevolking. Mijn Spaanse vrienden in Duitsland hadden me niet bedrogen. Dit was voor mij het land met zulke mooie gewoonten. Ik had een jaar studie Spaans achter de rug, maar dat betekende totaal niets in dit gebied waar ze geen puur Spaans spreken. Niettemin was ik in staat in 3 maanden tijd mij verstaanbaar te maken en iedereen te begrijpen.   Ik had al snel vrienden van mijn leeftijd en studeerde 4 of 5 uur per dag en de andere tijd van de dag zat ik bij de mensen aan de bar, wandelde langs de rivier en maakte een praatje met de bewoners om zoveel mogelijk Spaans op te doen. Ik zorgde ervoor dat ik in Murcia Spaanse lessen kreeg en met al mijn activiteiten kwam ik zo ook de Spaanse gewoonten aan de weet. Na 5 maanden verblijf in Blanca, wat voor mij de mooiste maanden in mijn leven waren, moest ik terug naar Nederland vanwege geldgebrek en het werken in Spanje als ober stond me niet aan.

3. Hoe heb jejezelf voorbereid op je emigratie?
Ik wilde de export handel in en besefte dat ik een goede boterham zou kunnen verdienen als verkoper met mijn talenkennis, maar dat mijn Spaanse kennis en andere zaken nog onvolledig waren. Terug in Nederland heb ik mij voorbereid voor de grote stap naar Spanje toe: praktijkdiploma boekhouden in 3 maanden, Moderne Bedrijfsadministratie in 5 maanden, Engelse handelscorrespondentie in 1 jaar, Duitse handelscorrespondentie 1 jaar, Spaanse taal. Ondertussen kwam ik dankzij mijn Spaanse taal terecht bij een Jodenfirma in Amsterdam waar ik op de afdeling boekhouden het echte zakenleven van de Joden aan de weet kwam.

4. Wat viel er mee?
Vanwege het feit dat ik twee keer trouwde met een Spaanse uit Blanca heb ik op veel hulp kunnen rekenen van de familie en ook van de plaatselijke bewoners.  Op die manier kwam ik vele gewoonten aan de weet, waaronder het feit dat men hier personen moet weten te vinden die dan een goed woordje kunnen doen voor je. Dat was in allereerste instantie de priester van het dorp, die dan de bedrijven bezocht om werk te vinden. Zijn invloed was dermate groot dat de directeuren van de bedrijven wel naar hem luisterden en in veel gevallen deden wat de priester wilde.  Aan de andere kant doet de zwager er ook van alles aan om werk voor je te vinden. Het is verder zaak hier goede vrienden te vinden.

Dat lukte, want toen het bedrijf Oftalmiso failliet ging in 1977 waar ik werkte, had ik ondertussen de nodige vrienden gemaakt. Eén van de chemici in dat bedrijf liet me weten dat ik bij hem zou kunnen werken in de export afdeling in 1978 en dat ik voorts aandeelhouder van het te stichten bedrijf zou kunnen worden. Dat stond me wel aan, want het bedrijf zou gesticht worden door vele hoogleraren van de universiteit van Murcia. Spanje was in die tijd een bikkelhard land en als aandeelhouder van het bedrijf was ik met mijn gehele vermogen verantwoordelijk ten opzichte van de banken. De banken leende toen alleen geld als de aandeelhouders met hun volle vermogen daarvoor garant stonden. Gedurende de jaren 1978-1989 heb ik dan ook helemaal niets aan hobby’s gedaan. Het was keihard werken geblazen in mijn nieuwe zaak, maar behalve mijn salaris had ik nu ook commissiegelden van de verkoop en elk jaar als aandeelhouder een winstaandeel. De bureaucratie was hier verschrikkelijk, maar dankzij de invloedrijke vrienden werd alles sneller opgelost wat betreft de werkvergunning en andere zaken. In 1989 werd dit bedrijf aan een multinational verkocht en begon ik met mijn eigen consulting bedrijf tot mijn pensionering. Ik hielp toen andere bedrijven met het opzetten van nieuwe produkten en het uitdenken van nieuwe applicaties van bestaande produkten. Ik verdiende toen maar de helft, maar had toen eindelijk tijd voor mijn hobbies en andere zaken.

5. En wat viel er tegen?
In 1972 solliciteerde ik bij een Spaans bedrijf  in Murcia om op het exportkantoor te kunnen werken dankzij de bemiddeling van een aangetrouwde neef. Helaas na een examen in talen kon men mij niet aannemen; mijn Spaanse kennis was nog te weinig en dat betekenen weer terug naar Nederland om mijn Spaans te verbeteren. Zoiets had ik toen niet verwacht, maar ik wilde hoe dan ook op een exportkantoor werken.  Ik verkocht al mijn bezittingen in Nederland in 1974 en emigreerde definitief naar Spanje. Met het verdiende geld zou ik het  daar zeker 4 jaar kunnen uithouden. Alhoewel een bankdirecteur mij een baan beloofd had in zijn bank tijdens mijn vliegreis, kwam ik er snel achter dat men in Spanje graag “ja” tegen alles zegt en positief in alles is, maar dat de werkelijkheid toch anders is. Bij mijn eerste bezoek aan zijn bank was hij er zogenaamd niet. Dat ging zo verschillende malen door, totdat ik hem in de bank zag. Toen liet de secretaresse me echter weten dat hij weg moest vanwege het overlijden van een familielid. Het werd me toen duidelijk dat mijn bezoeken aan de bank nooit iets zouden opleveren. De secretaressen in Spanje zijn moeilijk te omzeilen, maar daar had ik wel een oplossing voor. Ik begon werk te zoeken in Murcia en liet  de secretaresse van zo’n bedrijf weten dat ik graag met haar directeur wilde spreken. Zij wilde graag weten wat de reden van mijn bezoek was om dat door te geven aan de directeur. Daarop vertelde ik haar dat ik dat alleen aan hem kon vertellen, maar dat het iets was waarop het bedrijf er economisch beter op zou worden. De meeste secretaressen waren vriendelijk, doch onverbiddelijk;  de deur van de directeur bleef gesloten. Maar ik gaf niet op en tenslotte na vele dagen was er een directeur die wel naar me wilde luisteren en toen vertelde ik hem dat ik graag gratis op zijn exportbureau in de verkoop wilde werken en dat ik daar ervaring in had. De directeur “Alfonso” wilde graag weten waarom ik dat gratis wilde doen en toen vertelde ik hem: “Het heeft totaal geen zin U om geld te vragen, want U kent mij niet. Allereerst  wil ik me waar maken in Uw bedrijf en zoiets hoop ik te kunnen doen in 6 maanden. Daarna spreken we pas verder. De directeur van het bedrijf sprak goed Engels en was zeven jaar ouder als ik. De week daarop zou ik kunnen beginnen bij hem als zijn secretaris in de exportzaken. Toen ging ik daar gratis aan de slag en leerde daar op kantoor van alles. Ondertussen zochten andere vrienden ergens anders werk voor me en die konden toen doorgeven dat ik al werkte en de nodige ervaring had. Op die manier kon ik Alfonso na 4 maanden mededelen dat ik ergens anders werk had gevonden en daar een salaris zou kunnen krijgen van 15.000 pesetas per maand. Dat was toen hetzelfde loon als een chemicus. Alfonso liet me weten dat hij mij ook 15.000 pesetas per maand zou kunnen betalen, maar ik vertelde hem dat mijn nieuwe werk me beter aanstond en toen gingen we als vrienden uit elkaar. Het nieuwe werk was heel interessant en mijn nieuwe chef had mijn leeftijd. Toen mijn adviezen aan hem voor de verkoop in het buitenland geld in het laatje brachten, liet hij me weten dat 40% van zijn commissie in verkoop voor mij zou zijn. Dat werden toen 3 mooie jaren met goede verdiensten. Helaas ging het bedrijf met de naam Oftalmiso failliet in 1977 en toen kwam ik vele maanden in de WW terecht.

6. Hoe is je Spaans?
Ja het feit dat ik de enigste buitenlander ben in Spanje die officieel benoemd is als kroniekschrijver door een gemeente (2002)  houdt natuurlijk in dat mijn Spaans op een redelijk niveau ligt. Verder heb ik meer dan 100 geschiedenisboeken in het Spaans geschreven. Twee boeken van 1000 bladzijden en de andere boeken hebben normaal gesproken 300 bladzijden.

7. Ben je geïntegreerd?
Als je 50 jaar tussen de blanqueños (inwoners van Blanca) geleefd hebt en daar aangetrouwde familieleden hebt, dan mag je aannemen dat je wel geïntegreerd bent.

8.- Wat mis je van Nederland?
Ik mis helemaal niets uit Nederland, maar ben wel dankbaar voor het feit dat ik daar goed opgevoed ben om als eerlijk en formeel mens door het leven te gaan.  De opleidingen in Nederland via het LOI en andere instanties waren erg goed voor me, want zo kon ik het studeren met werken combineren. Daardoor kreeg ik goede zakenrelaties in het buitenland.

9. Heb je tips voor toekomstige emigranten die willen emigreren naar Spanje?
Ja die heb ik wel. Geef nooit op en studeer je leven lang. Wees niet bang voor iets wat mislukt, maar houd wel de kosten daarvan laag. Aldoende leert men en mislukken komt eerst en daarna het succes. Bij een mislukking zat ik dagenlang de toestand te analyseren alsof het een dampartij was die ik verloren had, en daar leerde ik enorm veel van. Bereid je grondig voor alvorens definitief naar Spanje te gaan en zorg ervoor die taal goed te kennen. Pas je zo snel mogelijk aan, want Spanje is totaal anders dan Nederland. Vergeet niet dat de levensverwachtingen in Spanje hoog zijn en dat het “mañana” goed voor je gezondheid is.

10. Zijn je verwachtingen uitgekomen?
“Ach meneer, dat lukt U nooit” zei de hoofdboekhouder tegen mij in 1973 in Amsterdam  toen ik hem vertelde dat ik in de toekomst in Spanje wilde werken op kantoor, in een bedrijf dat gevestigd zou zijn in de groene gebieden met zuivere lucht. Jaren daarna, in 1982, bezocht ik hem en liet hem de fotos van mijn bedrijf zien en dat ik aandeelhouder was van dat bedrijf, samen met de Rector Magnificus van de universiteit van Murcia, Francisco Sabater García (1476-1480), de toekomstige Rector Magnificus van de universiteit van Murcia, José Antonio Lozano Teruel (1480-1484) en vele andere hoogleraren en chemici. Toen zei hij: “Zo meneer, dat had ik toch nooit achter U gezocht”.  Mijn ervaring is dat alles kan uitkomen mits men nooit opgeeft.  Ik  vind dat ik het hier in Spanje wel gemaakt heb. Mijn werk bestond behalve de verkoop in het buitenland ook in innovatie en nieuwe applicaties van huidige produkten. Het was hard werken, maar de verdiensten waren goed te noemen. Het mooiste vond ik wel dat mijn idëen voor nieuwe produkten goed waren in de verschillende bedrijven. Twee bedrijven daarvan werden opgekocht door de multinationals. Meer daarover in mijn boek “De uitdaging”